Naar de inhoud
Alle vragen Vragen over scrapbooken

Papier, lijm en albums

Welk papier, welke lijm, welk album en wat al die termen betekenen. De vragen die scrappers het vaakst stellen, met een kort en eerlijk antwoord.

Welke lijm gebruik je om foto's in te plakken?

Gebruik een droge, zuurvrije lijm die als fotoveilig (photo safe) wordt verkocht, zoals een lijmroller, dubbelzijdig fototape of lijmpuntjes. Die geven geen vocht af, dus de foto golft niet en er lekt niets door.

Je hoeft niet de hele achterkant in te smeren. Een strookje of puntje in elke hoek en een in het midden houdt de foto stevig vast. Wil je hem later nog kunnen verwijderen, bijvoorbeeld bij oude of unieke afdrukken, gebruik dan fotohoekjes. Dan komt er helemaal geen lijm op de foto zelf. Vloeibare knutsellijm en gewone plakband kun je op foto's beter niet gebruiken.

Lees ook: Welke lijm gebruik je voor foto's, papier en versiering

Wat betekenen zuurvrij en ligninevrij?

Zuurvrij betekent dat papier of lijm een neutrale pH heeft (rond 7), zodat het je foto's en pagina's na verloop van tijd niet aantast. Ligninevrij betekent dat lignine, een stof uit hout, uit de papierpulp is gehaald. Lignine maakt papier op den duur zuur, geel en bros. Denk maar aan een oude krant.

Op lijm en materialen zie je ook 'photo safe' en 'archival quality'. Die termen zijn niet wettelijk beschermd. Het betrouwbaarst zijn producten die de PAT hebben doorstaan, een officiële test die nagaat of een materiaal foto's beschadigt. Voor albums die lang mee moeten, loont het om op die labels te letten. Voor een journal dat je zelf gebruikt, is het minder belangrijk.

Lees ook: Zuurvrij en ligninevrij: wat het betekent en wanneer het telt

Wat is het verschil tussen cardstock en designpapier?

Cardstock is stevig, meestal effen gekleurd karton. Je gebruikt het als basis voor je pagina, om foto's op te matten en voor stansvormen. Designpapier (patterned paper) is dunner papier met een print, zoals bloemen, ruitjes of tekst. Het is bedoeld voor achtergronden en decoratieve lagen.

Designpapier is enkel- of dubbelzijdig bedrukt. Dubbelzijdig is handig, want de achterkant past meestal bij de voorkant en reststukjes kun je aan beide kanten gebruiken. Een veelgebruikte combinatie is cardstock als stevige ondergrond met designpapier erbovenop. De naam zegt overigens niet alles: sommig designpapier is bijna zo stevig als dun karton, ander papier is veel dunner. Kijk daarom naar de grammage op de verpakking.

Lees ook: Welk papier kies je: cardstock, designpapier en grammage

Welke papierdikte gebruik je waarvoor?

Als vuistregel geldt: hoe meer het papier moet dragen, hoe zwaarder het moet zijn.

  • 80 tot 120 g/m²: journaling, kladjes, inlegvellen en kleine details
  • 120 tot 200 g/m²: designpapier, lagen en fotomatjes
  • 200 tot 250 g/m²: cardstock voor kaarten en stevige elementen
  • 250 g/m² en meer: de basis van een albumpagina, omslagen en pagina's met veel embellishments

Voor een pagina van 30 x 30 cm met veel lagen kies je liever iets zwaarder papier, zodat de pagina niet doorbuigt als je het album omslaat. Begin je net, dan ben je met cardstock rond 200 tot 250 g/m² en een blok designpapier van gemiddelde dikte goed op weg.

Lees ook: Welk papier kies je: cardstock, designpapier en grammage

Hoe voorkom je dat papier gaat golven door lijm?

Gebruik zo weinig mogelijk natte lijm, of kies droge lijm. Papier golft door vocht: de vezels zetten uit en trekken bij het drogen niet netjes terug.

  • Werk voor papier op papier met een lijmroller, dubbelzijdig tape of lijmvellen
  • Gebruik je toch vloeibare lijm, smeer dan een dun laagje uit tot aan de randen in plaats van een dikke klodder
  • Kies dikker papier, want dat vervormt minder dan dun papier
  • Leg dunne vellen met dezelfde looprichting als de ondergrond
  • Leg de pagina na het plakken een paar uur onder een stapel boeken, met een vel bakpapier ertussen

Lees ook: Papier dat niet golft bij lijm, verf en water

Welke maten scrappapier zijn er?

Scrappapier is meestal vierkant en wordt in inches verkocht:

  • 30,5 x 30,5 cm (12 x 12 inch): het standaardformaat voor albumpagina's
  • 20,3 x 20,3 cm (8 x 8 inch): voor kleinere albums
  • 15,2 x 15,2 cm (6 x 6 inch): vaak als blok, handig voor kaarten, mini-albums en kleine lagen

Daarnaast vind je papier in A4 en A5, vooral cardstock en printbaar papier. Koop papier dat past bij wat je maakt. Uit een vel van 30 x 30 cm kun je ook kleinere stukken snijden, maar andersom kan niet. Voor kaarten en journals is een blok van 15 x 15 cm vaak voordeliger en handzamer.

Lees ook: Welk albumformaat kies je voor je eerste scrapbook

Moet je een album van 30 x 30 cm hebben?

Nee, kies het formaat dat past bij wat je wilt maken. 30 x 30 cm (12 x 12 inch) is het standaardformaat. Je hebt er de meeste keus in papier en albums, en er is per pagina ruimte voor meerdere foto's en veel decoratie. Zo'n album neemt wel meer plek in en vraagt meer materiaal per pagina.

A4-albums zijn zuiniger, passen gewoon in de boekenkast en je vindt er makkelijk hoezen voor. 20 x 20 cm (8 x 8 inch) en kleiner werkt goed voor een vakantie, een cadeau of als je liever snel een pagina afmaakt. Veel scrappers gebruiken meerdere formaten naast elkaar.

Lees ook: Welk albumformaat kies je voor je eerste scrapbook

Welke soorten albums zijn er?

De meest gebruikte soorten zijn schroefalbums, ringbanden, albums met strap-hinge-binding en gebonden albums. Ze verschillen vooral in hoe makkelijk je pagina's toevoegt.

  • Schroefalbum (post-bound): de pagina's zitten tussen schroefpaaltjes die je kunt verlengen. Twee pagina's liggen open dicht tegen elkaar, mooi voor een spread
  • Ringband: je wisselt pagina's zonder gereedschap. D-ringen houden de pagina's rechter dan ronde ringen, maar het midden ligt minder vlak
  • Strap-hinge: de pagina's worden met kunststof bandjes bij elkaar gehouden en vallen vlak open
  • Gebonden album: vaste pagina's, dus je kunt niets toevoegen of verplaatsen. Omdat er geen hoes is, kun je wel dikker werken

Groeit je album nog, kies dan een schroefalbum of ringband.

Lees ook: Schroefalbum, ringband of zelfklevend: welk album kies je

Welke lijm kun je beter niet gebruiken?

Vermijd lijm die zuur is, veel vocht bevat of op den duur loslaat.

  • Schoollijm en kinderlijm: vaak niet zuurvrij en uitwasbaar, dus ze houden niet lang en kunnen vlekken geven
  • Rubbercement (rubberlijm): sterk, maar meestal zuur, het knoeit en het verkleurt
  • Een lijmpistool: de hitte kan foto's beschadigen en het geeft bulten
  • Gewone plakband: vergeelt, droogt uit en laat los
  • Nietjes en paperclips direct op foto's

Voor papier, foto's en lichte decoratie zijn zuurvrije droge lijm, een zuurvrije lijmstift of vloeibare lijm voor papier de veilige keus. Voor een journal dat geen tientallen jaren mee hoeft, mag je ruimer kiezen.

Lees ook: Welke lijm gebruik je voor foto's, papier en versiering

Wat is het verschil tussen natte en droge lijm?

Natte lijm is vloeibaar of smeerbaar, zoals vloeibare lijm, lijmpennen, pasta en spuitlijm. Droge lijm zit al klaar op een drager, zoals bij lijmrollers, dubbelzijdig tape, lijmpuntjes, foam pads en lijmvellen.

Natte lijm hecht sterk, ook op ruwe of oneffen oppervlakken, en je kunt iets nog even verschuiven voordat het droogt. Het nadeel is dat het moet drogen en dat te veel lijm papier laat golven. Droge lijm plakt meteen, knoeit niet en geeft geen vocht af. Daarom is droge lijm meestal de beste keus voor foto's en papier op papier. Natte lijm gebruik je voor stukjes met reliëf, kleine details en zwaardere decoratie.

Lees ook: Welke lijm gebruik je voor foto's, papier en versiering

Wanneer gebruik je fotohoekjes?

Fotohoekjes gebruik je als een foto later weer los moet kunnen, of als je er liever helemaal geen lijm op wilt. De foto wordt alleen bij de hoeken vastgehouden, zodat je hem eruit schuift zonder iets te beschadigen.

Ze zijn ideaal voor oude, unieke of waardevolle foto's en voor kaarten of documenten die je misschien nog wilt tonen of versturen. Er zijn zelfklevende hoekjes van papier en doorzichtige hoekjes van kunststof. Kies bij kunststof voor polyester of polypropyleen, niet voor pvc. Een nadeel is dat het opplakken meer tijd kost en dat het midden van grote foto's iets bol kan gaan staan.

Lees ook: Welke lijm gebruik je voor foto's, papier en versiering

Welke lijm gebruik je voor zware embellishments?

Voor zwaardere of oneffen decoratie, zoals metalen bedeltjes, knopen, kunststof figuurtjes en chipboard, werkt vloeibare hobbylijm met een fijne tuit het best. Die vult de holtes aan de achterkant op en hecht ook als het contactvlak klein is.

Gebruik er weinig van, anders kruipt de lijm eronderuit en kan hij het papier verkleuren. Laat de pagina plat drogen. Lijmpuntjes (glue dots) zijn een snel, droog alternatief voor knopen en papieren bloemen. Bij echt zware stukken helpt het om de pagina zelf stevig te maken met zwaar cardstock, zodat ze niet doorbuigt.

Lees ook: Embellishments kiezen en plaatsen, zonder dat het druk wordt

Is een lijmroller handig om foto's en papier mee te plakken?

Ja, voor papier op papier is een lijmroller (tape runner) voor veel scrappers de handigste lijm. Je rolt een dun strookje droge lijm uit een houder, zonder vocht, geknoei of droogtijd.

Er zijn permanente en herpositioneerbare varianten. Met de laatste kun je iets nog even verschuiven. Veel houders zijn navulbaar, wat goedkoper is dan steeds een nieuwe kopen. Zware of bolle embellishments houdt een lijmroller minder goed vast, daarvoor heb je vloeibare lijm of lijmpuntjes nodig. Dubbelzijdig tape op een rol is ook prima, al is het lastiger te doseren en zit het na het plakken meteen vast.

Lees ook: Welke lijm gebruik je voor foto's, papier en versiering

Wat betekent g/m² op papier?

G/m², ook grammage genoemd, is het gewicht van een vierkante meter papier in grammen. Hoe hoger het getal, hoe dikker en stijver het papier meestal is.

Ter vergelijking: printpapier weegt meestal 80 g/m², een ansichtkaart rond 250 tot 300 g/m² en cardstock zit vaak tussen 200 en 300 g/m². Op Amerikaans papier staat het gewicht soms in lb (pond): 65 lb cover is ongeveer 175 g/m², 80 lb cover ongeveer 216 g/m². Grammage zegt niet alles over de dikte, want dicht papier kan bij hetzelfde gewicht dunner zijn. Staat er niets op de verpakking, vergelijk het papier dan met papier dat je kent.

Lees ook: Welk papier kies je: cardstock, designpapier en grammage

Kun je gewoon printpapier gebruiken voor scrapbooken?

Als ondergrond van een pagina is printpapier te dun, maar voor journaling, kladontwerpen, geprinte teksten en collages kan het prima. Printpapier van 80 g/m² kreukt snel, golft door lijm, scheurt makkelijk en kan geen lagen of embellishments dragen.

Wil je een print gebruiken, plak die dan op cardstock om ze steviger te maken. Veel kantoorpapier is tegenwoordig zuurvrij, maar niet altijd. Voor een album dat lang mee moet, kijk je dat even na op de verpakking. Voor de basis van je pagina kies je liever cardstock van minstens 200 g/m².

Lees ook: Welk papier kies je: cardstock, designpapier en grammage

Welk papier gebruik je voor een kaart?

Voor de kaart zelf neem je cardstock van ongeveer 220 tot 250 g/m². Dat is stevig genoeg om rechtop te staan en het laat zich netjes vouwen als je eerst een rilgroef maakt.

Maak je kaarten met veel lagen of zware decoratie, kies dan zwaarder karton van 270 tot 300 g/m². Designpapier gebruik je als decoratieve laag erbovenop. Printpapier is te dun als basis, maar wel prima als binnenvel om op te schrijven. Voor scherpe stempelafdrukken werkt glad karton beter dan karton met veel structuur. Schrijf je met inkt, dan is mat papier fijner dan glanzend.

Lees ook: Zelf kaarten maken met je scrapmateriaal

Is een lijmstift goed genoeg om papier en foto's mee te plakken?

Voor papier op papier en voor journals is een zuurvrije lijmstift prima. Voor albums die lang mee moeten, is droge lijm betrouwbaarder. Een lijmstift is goedkoop en makkelijk, maar bevat wat vocht en houdt op den duur minder sterk, vooral op glad of glanzend papier.

Smeer een dun laagje uit tot aan de randen en wrijf het goed aan. Bij een foto zet je alleen wat lijm op de hoeken en een klein beetje in het midden, zodat er geen bulten ontstaan. Gebruik geen uitwasbare kinderlijmstift. Pas ook op met dun papier, zoals dat van sommige planners: daar kan het vocht de inkt aan de achterkant laten uitlopen.

Lees ook: Welke lijm gebruik je voor foto's, papier en versiering

Wat zijn foam pads en glue dots?

Foam pads zijn dubbelzijdig klevende schuimblokjes of -strips die een element een paar millimeter optillen. Zo krijg je diepte en schaduw, bijvoorbeeld onder een titel, een stansvorm of een fotomatje. Ze bestaan in verschillende diktes en je kunt ze ook stapelen.

Glue dots (lijmpuntjes) zijn kleine, heel sterke lijmdotjes op een rol. Ze zijn ideaal voor dingen die gewone lijm slecht vasthoudt, zoals knopen, papieren bloemen, lint en chipboard. Er zijn platte dotjes en dikkere varianten die het element iets optillen. Allebei zijn het droge lijmsoorten, dus ze laten geen vocht in je papier trekken.

Lees ook: Lagen en diepte op je pagina

Welke paginahoezen zijn veilig?

Kies hoezen van polypropyleen (PP), polyethyleen (PE) of polyester, want die zijn chemisch stabiel. Vermijd pvc (vinyl). Dat geeft na verloop van tijd stoffen af waardoor foto's kunnen verkleuren en aan de hoes kunnen blijven plakken. Op goede hoezen staat vaak pvc-vrij of zuurvrij.

Hoezen beschermen je pagina's tegen vingerafdrukken, vlekken en stof, en ze vangen losgeraakte embellishments op. Heldere hoezen laten kleuren mooi uitkomen, matte hoezen (non-glare) weerspiegelen minder. Let er bij ringbanden op dat de ringen de hoezen niet knikken.

Lees ook: Paginahoezen: welk plastic is veilig voor je foto's

Welk papier gebruik je als je met verf of water werkt?

Gebruik aquarelpapier of mixed-mediapapier. Gewoon cardstock is gemaakt voor droog werk en gaat bij veel water golven, pluizen of zelfs scheuren.

  • Aquarelpapier van ongeveer 300 g/m² neemt water goed op en blijft redelijk vlak
  • Aquarelpapier met katoen of van 100 procent katoen is het stevigst als je heel nat werkt
  • Mixed-mediapapier van ongeveer 160 tot 300 g/m² is geschikt voor verf, inkt en lijm
  • Werk je in een gewoon notitieboek of journal, zet de pagina dan eerst in met gesso en gebruik zo weinig mogelijk water

Hoe zwaarder het papier, hoe minder het vervormt.

Lees ook: Papier dat niet golft bij lijm, verf en water

Hoe plak je heel kleine stukjes?

Gebruik een lijmpen met een fijne punt, of breng de lijm aan met een tandenstoker. Zo komt er alleen lijm waar het moet en kruipt er niets onder het randje uit.

  • Zet een druppel lijm op een stukje plastic en neem er met een tandenstoker telkens een beetje van
  • Pak het stukje op met een pincet, dan zitten je vingers niet onder de lijm
  • Ga je veel kleine stansvormen maken, plak dan eerst een dubbelzijdig klevend lijmvel op de achterkant van het papier en stans daarna. Elk stukje is dan meteen klevend

Voor pailletten en strasssteentjes werkt een lijmpen het best.

Hoe krijg je gegolfd papier weer plat?

Leg het een tijd onder zware boeken, met aan beide kanten een vel bakpapier of schoon papier. Hoe langer, hoe beter: een nacht of een paar dagen helpt vaak al goed.

Is papier erg kromgetrokken, bijvoorbeeld door waterverf, dan kun je het voorzichtig strijken. Leg het tussen twee licht vochtige theedoeken, strijk op een lage tot middelhoge stand zonder stoom, draai het om en herhaal. Leg het daarna weer onder de boeken. Doe dit niet als er foto's, plastic, embossing of glitter op zitten, want die kunnen door de warmte smelten of beschadigd raken. Voorkomen is makkelijker: kies dikker papier en gebruik minder natte lijm.

Lees ook: Papier dat niet golft bij lijm, verf en water

Hoe krijg je iets los dat verkeerd vastgeplakt zit?

Vaak lukt het met een stukje tandzijde: schuif het achter de foto of het papier en zaag voorzichtig heen en weer door de lijmlaag. Dat werkt vooral goed bij droge lijm uit een lijmroller.

Zit het stevig vast, maak de lijm dan eerst zacht met een föhn en trek het los terwijl het nog warm is. Wees voorzichtig met foto's, die kunnen niet tegen veel hitte. Voor lijmresten bestaat een speciale lijmgum van crêperubber. Verse witte lijm veeg je weg met een vochtig doekje. Blijft er een vlek of scheurtje achter, plak er dan een embellishment of een stukje papier overheen.

Lees ook: Een foutje op je pagina herstellen

Wat is een paperpad en wat zit er in een collectie?

Een paperpad is een blok met vellen designpapier die in kleur en patroon op elkaar zijn afgestemd. Een collectie gaat verder: daar horen vaak ook stickers, stansvormen, chipboard en cardstock bij die samen een geheel vormen.

Vooral als je net begint is het handig. Het grote voordeel is dat je niet zelf hoeft uit te zoeken welke kleuren en patronen bij elkaar passen, en je pagina's worden vanzelf rustiger. Blokken van 15 x 15 cm zijn voordelig voor kaarten en kleine projecten. Je hoeft je er niet aan te houden: papier uit verschillende collecties kun je prima combineren, als je een paar kleuren laat terugkomen.

Lees ook: Welk papier kies je: cardstock, designpapier en grammage

Zijn zelfklevende albums een goed idee?

Voor foto's die je lang wilt bewaren liever niet. De klassieke zelfklevende albums, ook wel magneetalbums genoemd, hebben een lijmlaag met een plastic folie erover. Die lijm wordt na jaren geel en zuur, foto's komen muurvast te zitten en de folie kan ze laten verkleuren.

Ze zijn wel flexibel: je kunt foto's, knipsels en briefjes vrij neerleggen. Wil je die vrijheid zonder de risico's, kies dan een album met zuurvrije losse pagina's en gebruik fotohoekjes of fotoveilige lijm. Zitten je foto's al in zo'n oud album, haal ze er dan op tijd en voorzichtig uit.

Lees ook: Schroefalbum, ringband of zelfklevend: welk album kies je

Is spuitlijm handig voor scrapbooken?

Spuitlijm is handig voor grote vlakken, zoals een groot vel papier of een grote print. Het geeft een dun, gelijkmatig laagje en laat papier nauwelijks golven. Voor kleine stukjes en dagelijks gebruik is het omslachtig.

Let wel op een paar dingen. Werk in een goed geventileerde ruimte en spuit in een kartonnen doos, zodat de nevel niet op je tafel komt. Kies een zuurvrije variant als het werk in een album komt. Er bestaat permanente en herpositioneerbare spuitlijm. Met permanente spuitlijm zit iets meteen vast, dus leg het in een keer goed neer.

Lees ook: Welke lijm gebruik je voor foto's, papier en versiering

Wat betekent core dyed?

Core dyed, of doorgekleurd, betekent dat cardstock door en door gekleurd is, niet alleen aan de buitenkant. Als je het scheurt, schuurt of er reliëf in maakt, zie je dus geen witte kern.

Dat is handig als je randen wilt scheuren of het papier bewerkt met een embossingfolder: de kleur blijft egaal. Bij gewoon gekleurd cardstock komt er wit tevoorschijn als je de rand scheurt of schuurt. Dat is niet erg. Veel scrappers gebruiken dat juist bewust voor een sleets of vintage effect.

Lees ook: Scrapbooktermen uitgelegd, van brads tot vellum

Wat is de looprichting van papier?

De looprichting is de richting waarin de meeste vezels in het papier liggen. In de looprichting vouwt en scheurt papier netter. Dwars erop krijg je sneller een rafelige scheur of een gebarsten vouw.

Zo vind je de looprichting: buig het vel zachtjes in beide richtingen. De richting waarin het het makkelijkst meegeeft, is de looprichting. Je kunt ook een klein stukje scheuren, want in de looprichting gaat dat rechter. Werk je met natte lijm, plak dan twee vellen met dezelfde looprichting op elkaar. Papier zet bij vocht vooral dwars op de vezels uit, dus zo golft het minder.

Lees ook: Papier dat niet golft bij lijm, verf en water

Wat zijn vellum, kraftpapier en chipboard?

Dit zijn termen die je vaak tegenkomt bij papier en karton:

  • Vellum: doorschijnend papier, mooi voor lagen, titels en journaling over een foto heen. Natte lijm schijnt erdoorheen, dus gebruik brads of nietjes, of zet de lijm op plekken die je later bedekt
  • Kraftpapier: bruin, ongebleekt papier of karton met een natuurlijke uitstraling. Het is niet altijd zuurvrij, dus kijk dat na als het tegen foto's komt
  • Chipboard: dik, geperst karton. Bij scrappers vooral bekend als uitgestanste vormen en letters om op te plakken
  • Bristolkarton: glad, wit karton dat vaak als basis voor kaarten wordt gebruikt

Lees ook: Scrapbooktermen uitgelegd, van brads tot vellum