Naar de inhoud
Alle artikelen
Technieken · 7 min lezen

Envelopjes, flapjes en verborgen journaling

Te veel foto's, een verhaal dat niet voor iedereen is of een kaartje dat je niet wilt plakken: met pockets, flapjes en tags maak je extra ruimte op je pagina.

Enveloppen, kraftpapieren tags en crèmekleurige kaartjes naast elkaar op een zwarte ondergrond
Foto: PNW Production · Pexels

Soms past het gewoon niet. Je hebt acht mooie foto's en ruimte voor drie. Of je wilt iets opschrijven dat niet bedoeld is voor iedereen die het boek doorbladert. Of er ligt een kaartje, een bonnetje of een strandschelpje dat je niet zomaar wilt vastplakken. Pockets, flapjes en tags lossen dat op. Ze geven je pagina een tweede laag, en wie het boek openslaat, heeft iets om te ontdekken.

Een pocket of envelopje op je pagina

Een pocket is een zakje dat aan drie kanten vastzit en aan één kant open is. Je maakt het van cardstock (stevig, effen papier), van designpapier met een stukje karton erachter, of van een kant-en-klaar bibliotheekzakje. Ook een gewone envelop werkt prima.

Zo maak je er een:

  1. Snijd een rechthoek die iets breder is dan wat erin moet.
  2. Zet aan drie kanten dubbelzijdig tape, en houd de bovenkant vrij.
  3. Plak het zakje op de pagina en druk de randen goed aan.

Wil je het steviger, dan kun je de randen ook stikken met de naaimachine of met de hand. Dat ziet er bovendien leuk uit.

Een envelop plak je met de achterkant op de pagina. Plak de flap niet dicht, want dan kun je hem later niet meer openen zonder te scheuren. Een sticker of een stukje papier op de flap, dat over de envelop heen valt als hij dicht is, houdt hem netjes gesloten en maakt duidelijk dat er iets in zit. Een paar woorden op de voorkant zoals "kijk erin" helpen ook.

Stem de pocket af op je pagina. Op een pagina vol bloemen valt een zakje met een bloemenprint nauwelijks op, en dat is precies de bedoeling als je het verhaal een beetje wilt verstoppen.

Flapjes voor extra foto's

Een flap is een stuk papier dat aan één kant vastzit en dat je kunt optillen. Daaronder is een tweede pagina, zonder dat het boek een blad dikker wordt.

De eenvoudigste vorm: mat een foto op een stuk cardstock, iets groter dan de foto zelf. Plak de tekst of een tweede foto op de pagina. Leg de gematte foto erover en zet alleen langs de bovenkant tape. Til je de foto op, dan zie je wat eronder staat.

Meer ruimte nodig? Dan kun je verder gaan:

  • Een uitklapdeel: een strook papier, twee keer zo breed als de pagina, die je dubbelvouwt en aan de rand vastplakt. Uitgevouwen heb je ruimte voor een panoramafoto.
  • Een insteekblad: een half vel of een kleiner blad dat je tussen twee pagina's meeplakt of met een strookje aan de rand vastzet.
  • Een uittrekfoto: een grote foto die in een pocket zit en die je er helemaal uit schuift om hem goed te bekijken.

Let bij een flap op de richting. Een flap die naar boven opent, valt vanzelf terug. Een flap die opzij opent, kan bij het omslaan van de pagina blijven haken. Een klein lusje lint of een knoop helpt om hem vast te pakken.

Verborgen journaling

Veel scrappers kennen het: je wilt iets opschrijven, maar het past niet in het ontwerp. Of het verhaal is te persoonlijk om open op de pagina te zetten. Een moeilijke periode, een brief aan je kind, iets wat je liever alleen voor jezelf of voor één lezer bewaart. Dan schrijf je minder op dan je eigenlijk zou willen.

Verborgen journaling haalt die druk weg. De tekst staat er wel, maar je ziet hem niet meteen. Daardoor kun je alles opschrijven, zonder dat het het ontwerp van je pagina in de weg zit. Een paar plekken waar je tekst kwijt kunt:

  • Op een kaartje in een pocket achter op de pagina, met een tabje dat er net bovenuit steekt.
  • Achter of onder een foto, die je optilt als een flap.
  • Op tags die achter een foto steken.
  • In een envelopje dat er van buiten uitziet als versiering.
  • In een strookje dat je uit een label of een pocket trekt.

Schrijf met een pen die niet vervaagt, het liefst een pigmentpen. Juist verborgen tekst lees je pas jaren later terug. Vind je je handschrift lastig, dan kun je de tekst ook printen.

Bedenk wel: verborgen is niet geheim. Wie het boek pakt, kan alles openen. Is iets echt alleen voor jou, bewaar het dan in een dichtgeplakt envelopje of laat het weg.

Tags die je eruit trekt

Een tag is een kaartje in de vorm van een label, vaak met een gaatje en een lintje aan de bovenkant. In een pocket is het de handigste vorm van verborgen ruimte: het lintje steekt eruit, je trekt eraan en het verhaal komt tevoorschijn.

Een tag heeft twee kanten: op de voorkant een foto, op de achterkant de tekst. Maak hem iets korter dan de pocket diep is, anders steekt hij te ver uit en gaat de bovenkant kreukelen. Knip ook liever een stukje van de tag af dan dat je hem erin propt.

Een paar ideeën:

  • Twee of drie tags achter elkaar in één pocket, elk met een eigen stukje van het verhaal.
  • Een tag met een foto die past bij de foto's op de pagina, en de journaling op de achterkant.
  • Een pocket met een venster van doorzichtig plastic, zodat je een plaatje ziet. Trek je de tag eruit, dan verschijnt het plaatje erachter.

Restjes papier zijn perfect voor tags. Wie veel lagen heeft gemaakt voor andere pagina's, kan uit de overgebleven stukken zo een paar tags snijden.

Kleine souvenirs bewaren zonder te plakken

Een entreekaartje, een muntje uit het buitenland, een haarlokje, confetti van een bruiloft of een gedroogd bloemetje: dat soort dingen wil je er wel in, maar niet met lijm vast. Daar zijn envelopjes ideaal voor.

  • Plakbare zakjes van polypropyleen (geen pvc) en kleine zakjes van dun doorzichtig papier zijn handig voor wat je wilt laten zien.
  • Een papieren envelop met een label erop werkt voor iets kwetsbaars, zoals een lokje of iets wat licht kan verkleuren.
  • Voor losse dingen die eruit kunnen vallen, zoals confetti, is een gesloten zakje beter dan een open pocket.

Zet zware of bolle souvenirs aan de rand van de pagina, niet in het midden. Daar drukken ze minder op andere pagina's en raken ze minder snel beschadigd. Bonnetjes van thermisch papier verbleken na een tijd; maak er voor de zekerheid een kopie of foto van. Daar gaat ook een apart artikel over: kaartjes, bonnetjes en knipsels bewaren.

Hoe voorkom je dat je pagina te dik wordt

Elke pocket, flap en envelop maakt je boek wat dikker. Eén keer valt dat niet op. Maar als elke pagina er drie heeft, gaat een album niet meer dicht en valt het als een waaier open.

Een paar dingen die helpen:

  • Kies per pagina één element waar je de nadruk op legt. Een pagina met één goede pocket werkt beter dan een pagina met vijf.
  • Wissel drukke pagina's af met rustige, zonder extra lagen.
  • Gebruik dun papier voor flappen en tags die over elkaar liggen. Bewaar dikke cardstock voor de pocket zelf.
  • Leg souvenirs zo plat mogelijk en verspreid ze over het boek.
  • Bij een mini-album van enveloppen: houd het bij vier of vijf enveloppen. Meer gaat schuiven en wordt dik.
  • Gebruik je een bindmachine of ringen, plan dan vooraf waar de gaatjes komen, zodat je niet door een pocket of tag heen ponst.

Bij een album met schroeven of ringen kun je soms een paar extra schroefjes of grotere ringen gebruiken. Bij een gebonden boek lukt dat niet, dus daar is minder meer.

Begin met één

Kies voor de eerstvolgende pagina één ding: een tag in een pocket, of een foto die je optilt. Dat is genoeg om te merken hoe fijn het is om ruimte te hebben voor het verhaal dat je anders had weggelaten.

Vragen over dit onderwerp

Hoe maak je een pocket voor in je scrapbook?

Snijd een rechthoek van cardstock of designpapier die iets breder is dan wat erin moet, zet aan drie kanten dubbelzijdig tape en plak hem op de pagina. De bovenkant blijft open. Wil je het steviger, dan kun je de randen stikken.

Wat is verborgen journaling?

Dat is tekst die je wel opschrijft, maar die niet meteen zichtbaar is, bijvoorbeeld op een kaartje in een pocket of achter een foto die je optilt. Zo kun je persoonlijke dingen kwijt zonder dat het de pagina in de weg zit. Het is niet geheim: wie het boek pakt, kan alles openen.

Hoe voorkom je dat je scrapbook te dik wordt van pockets en flapjes?

Kies per pagina één element, wissel drukke pagina's af met rustige en gebruik dun papier voor flappen en tags die over elkaar liggen. Leg souvenirs zo plat mogelijk en verspreid ze over het boek.

Hoe bewaar je een kaartje of souvenir zonder het vast te plakken?

Doe het in een envelopje of zakje dat je op de pagina plakt. Een papieren envelop is geschikt voor iets kwetsbaars, een gesloten zakje voor losse dingen zoals confetti.

Verder lezen