Naar de inhoud
Alle artikelen
Uitleg · 7 min lezen

Pocket scrapbooking en Project Life: zo werkt het

Foto's en kaartjes in vakjes schuiven in plaats van knippen en plakken. Wat pocket scrapbooking is, hoe de formaten werken en of het bij jou past.

Twee handen bladeren door een stapeltje papieren en afdrukken, tegen een donkere trui
Foto: https://kaboompics.com/ · Pexels

Je hebt honderden foto's op je telefoon en een stapel papier die je best wilt gebruiken, maar een hele avond aan één pagina werken zit er niet in. Dan is pocket scrapbooking misschien iets voor jou. Je schuift foto's en kaartjes in doorzichtige hoezen met vaste vakjes, schrijft er een paar zinnen bij en je pagina staat.

Wat pocket scrapbooking is

Bij pocket scrapbooking, ook wel pocket pages genoemd, werk je met insteekhoezen. Dat zijn plastic hoezen voor een ringband die in vakjes zijn verdeeld, een beetje zoals een verzamelmap voor kaarten. In elk vakje gaat een foto, een journalingkaart of een herinnering zoals een kaartje van de bioscoop.

De bekendste naam is Project Life. Becky Higgins bedacht dit systeem omdat klassiek scrapbooken haar te veel tijd kostte. Het idee: de indeling ligt al vast, dus je hoeft niet na te denken over waar alles komt. Inmiddels maken veel merken insteekhoezen en kaarten, en mensen gebruiken Project Life vaak als verzamelnaam voor de hele werkwijze.

Je hebt in de basis vier dingen nodig: foto's, kaarten, hoezen en een album. Versiering is een extraatje.

Insteekhoezen en journalingkaarten

Een insteekhoes is er in tientallen indelingen. Een bekende indeling voor een album van 30,5 x 30,5 cm (12 x 12 inch) heeft acht vakken: vier liggende vakken van 10 x 15 cm (4 x 6 inch), twee bovenin en twee onderin, en in het midden vier staande vakken van 7,6 x 10,2 cm (3 x 4 inch). Er zijn ook hoezen met alleen vierkante vakjes, met smalle stroken of met één groot vak.

Journalingkaarten zijn kartonnen kaartjes in precies die maten. Sommige hebben een patroon of een woord erop, andere hebben lijntjes om op te schrijven. Je gebruikt ze om tekst kwijt te kunnen, maar ook als rustig vlak tussen drukke foto's. Ze worden verkocht in sets die qua kleur bij elkaar passen, maar je kunt ze net zo goed zelf maken van restjes cardstock (stevig, effen karton) en designpapier.

Let bij de hoezen op het materiaal. Polypropyleen, polyetheen en polyester (Mylar) zijn veilig voor foto's. Hoezen van pvc kun je beter laten liggen: die kunnen op den duur je foto's aantasten.

Waarom het sneller gaat

Bij een klassieke layout (een opgemaakte pagina) kies je papier, snijd je foto's bij, zoek je een titel en plak je alles laag voor laag op. Bij pocket pages valt het grootste deel daarvan weg. Een foto van 10 x 15 cm is de standaardafdruk bij vrijwel elke fotoservice, en die past zonder knippen in het vak. Lijm heb je nauwelijks nodig.

Dat maakt het ook vergevingsgezind. Vind je een kaartje toch niet mooi naast die foto, dan schuif je het eruit en probeer je een ander. Niets zit vast.

Wat het vooral snel maakt, is herhaling. Gebruik elke week dezelfde soort kaart voor de datum of de titel, en houd een vaste volgorde aan: foto's in de grote vakken, tekst in de kleine. Dan hoef je niet elke keer opnieuw te bedenken hoe een pagina eruit moet zien, en voelt het album bij het bladeren als één geheel.

Een waarschuwing: het kan ook traag worden. Wie in elk vakje stickers, stempels en lagen wil, is per pagina al snel net zo lang bezig als bij een gewone layout. Dat mag, maar weet dat de snelheid uit de eenvoud komt.

Per week, per maand of per gebeurtenis

Het oorspronkelijke idee is één dubbele pagina per week. Twee hoezen naast elkaar, zeven dagen, en elke dag een foto of een kaartje. Dat geeft een mooi ritme en het werkt goed om het gewone leven vast te leggen: wat je kind zei aan het ontbijt, het nieuwe recept, de regenachtige zondag.

Maar een week is lang niet voor iedereen haalbaar. Veel scrappers beginnen enthousiast in januari en lopen in maart achter. Daarom stappen veel mensen over op een maandritme: één of twee dubbele pagina's per maand, met de mooiste foto's en de verhalen die bleven hangen. Je hoeft dan minder te fotograferen en je hebt meer ruimte om te kiezen.

Een derde manier is per gebeurtenis: een vakantie, een verjaardag of een verhuizing krijgt een eigen setje hoezen. Een klein pocketalbum is ook ideaal voor een kort reisje. Je bent er in een avond mee klaar en het formaat is handig om mee te nemen naar de verjaardag van je moeder.

Wat je ook kiest, een paar dingen helpen:

  • Houd een agenda of notitie bij van wat er gebeurde. Later weet je het echt niet meer.
  • Bewaar kaartjes, bonnetjes en tekeningen per week of maand in een envelop of mapje, zodat alles klaarligt.
  • Bestel je foto's in vaste rondes, bijvoorbeeld elke maand.
  • Begin bij de week of maand van nu, niet bij een achterstand van twee jaar.

Welke formaten bij elkaar passen

De meeste systemen draaien om dezelfde twee maten: 10 x 15 cm en 7,6 x 10,2 cm. Een kaart van 10 x 15 cm kun je staand of liggend gebruiken, net als een foto. Twee kaarten van 7,6 x 10,2 cm naast elkaar zijn samen even groot als één van 10 x 15 cm, dus je kunt makkelijk schuiven.

Er zijn drie veelgebruikte albumformaten:

  • 30,5 x 30,5 cm (12 x 12 inch): de grote klassieker, met de meeste ruimte per pagina.
  • 23 x 30,5 cm (9 x 12 inch): iets smaller, met vakken van dezelfde maten.
  • 15 x 20 cm (6 x 8 inch): klein en snel vol, handig voor een maandproject of een album over één onderwerp.

Koop hoezen en album van hetzelfde systeem, of controleer het aantal ringen en de afstand tussen de gaatjes. Niet elke hoes past in elke ringband.

Je kunt ook schuiven met formaten binnen één album. Een kleinere hoes tussen twee grote, bijvoorbeeld een strook van 15 x 30,5 cm, heet een insert. Daarmee geef je een bijzondere dag of een langer verhaal een eigen plek, zonder dat je weekritme in de war raakt. Wissel de maten af, dan blijft bladeren verrassend.

Heb je meer foto's dan vakjes? Laat twee kleine foto's samen op één afdruk van 10 x 15 cm zetten, of maak een collage van zes foto's op één afdruk. Je kunt ook een flapje maken: een kaart die je openvouwt, met een extra foto erachter.

Weken zonder foto's

Die komen er, en dat is geen probleem. Een paar mogelijkheden:

  • Maak van een rustige week een tekstweek. Schrijf op wat je deed, wat je las, wat je at. Een pagina met bijna alleen woorden is later vaak de leukste om terug te lezen.
  • Gebruik wat je hebt: een kaartje, een tekening van de kinderen, een schermafbeelding van een weerbericht of een routekaart van je wandeling.
  • Maak een foto van iets uit huis: de bloemen op tafel, de stapel boeken naast je bed. Die vullen een vakje en zeggen toch iets over die tijd.
  • Voeg twee lege weken samen tot één dubbele pagina.
  • Stap over op maandpagina's als dit vaker gebeurt.

Het belangrijkste is de houding: leg vast wat er is en maak je niet druk om wat ontbreekt. Een album dat doorloopt met wat gaten is waardevoller dan een perfect album dat in april stopt.

Pocket pages en gewone pagina's combineren

Dat kan prima, en veel scrappers doen het. Pocket pages zijn sterk voor het gewone leven en de kleine verhalen: de dingen die geen hele layout waard zijn, maar die je wel wilt bewaren. Voor een groot moment maak je dan een klassieke layout van 30,5 x 30,5 cm en die schuif je in een hoes met één groot vak, tussen je pocket pages in.

Andersom gaat ook. Plak een kaartje of een stukje versiering bovenop de hoes in plaats van erin, dan loopt het over twee vakken heen en oogt de pagina minder streng. En wie liever creatief bezig is met verf en inkt, kan zijn eigen kaarten maken en die in de vakjes schuiven.

Past het bij jou?

Pocket scrapbooking past goed als je veel foto's hebt en weinig tijd, als je van overzicht houdt, of als je eerder bent afgehaakt omdat elke pagina een project werd. Het past minder als je juist geniet van knippen, lagen en uitpluizen hoe een pagina in elkaar zit. Dan voelen de vaste vakjes al snel als een keurslijf.

Twijfel je, begin dan klein. Een setje hoezen en een paar kaarten, een maand van nu, of één weekend weg. Dan merk je snel of het ritme bij je past.

Vragen over dit onderwerp

Wat is pocket scrapbooking?

Bij pocket scrapbooking schuif je foto's en journalingkaarten in insteekhoezen met vaste vakjes, in plaats van te knippen en plakken. De bekendste naam voor deze werkwijze is Project Life.

Welke formaten gebruik je bij pocket scrapbooking?

De meeste systemen draaien om vakjes van 10 x 15 cm en 7,6 x 10,2 cm. Veelgebruikte albumformaten zijn 30,5 x 30,5 cm, 23 x 30,5 cm en 15 x 20 cm.

Wat doe je als je een week geen foto's hebt voor je pocketalbum?

Maak er een tekstweek van, gebruik een kaartje of een tekening, of fotografeer iets uit huis. Je kunt ook twee lege weken samenvoegen of overstappen op maandpagina's.

Is pocket scrapbooking sneller dan gewone scrapbooking?

Meestal wel, omdat de indeling al vastligt en je weinig hoeft te knippen en plakken. De snelheid komt uit de eenvoud: wie elk vakje versiert, is net zo lang bezig als bij een gewone layout.

Verder lezen